De patiënt met een blaaskatheter

Informatie

Katheters zijn een uitkomst voor patiënten die niet kunnen plassen. Katheters geven helaas ook veel problemen. In de dagelijkse praktijk is het vaak de (wijk)verpleging die blaaskatheterisatie uitvoert, maar juist bij complicaties wordt de arts geraadpleegd. Het is daarom belangrijk dat elke arts competent is en vertrouwd met katheteriseren; hij/zij moet de complicaties kennen die bij het katheteriseren kunnen optreden. Katheterisatie moet ook niet onderschat worden. Het is voor de patiënt een (zeer) onaangename ervaring. Bovendien heeft katheterisatie een aanzienlijke morbiditeit, en zelfs mortaliteit. Zo mogelijk moet katheterisatie dan ook worden vermeden. Soms ontkomt men er echter niet aan.

In deze cursus komt aan bod welke de indicaties tot blaaskatheterisatie zijn, wat voor types blaaskatheter er bestaan, en hoe men volgens de regelen der kunst moet katheteriseren. Vervolgens besteedt deze cursus aandacht aan de problemen die - op korte en op lange termijn - door het katheteriseren kunnen ontstaan, en hoe men deze problemen het hoofd kan bieden.

Deze cursus bestaat uit drie modules en een eindtoets.

Leerdoelen

Na het volgen van deze cursus:

  • kunt u de indicaties noemen die nopen tot blaaskatheterisatie
  • weet u welk type katheter u moet gebruiken
  • kunt u de verschillende katheterisatietechnieken omschrijven
  • kunt u de complicaties die kunnen optreden bij het inbrengen en verwijderen van een katheter beschrijven
  • kunt u de door katheters veroorzaakte urineweginfecties opnoemen, en weet u wanneer u wel of niet een antibioticum moet voorschrijven
  • weet u om te gaan met problemen als lekkage, blaaskrampen, verstopping, hematurie

Docent

  • drs. H. Reedijk

    Hein Reedijk (1960) studeerde geneeskunde aan de UvA en volgde de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde aan de VU te Amsterdam. Na vier jaar op diverse plaatsen te hebben gewerkt als arts-assistent (respectievelijk psychiatrie, interne geneeskunde en neurologie) is hij sinds 1991 als specialist ouderengeneeskunde werkzaam bij Cordaan in Amsterdam. Naast zijn werk als specialist ouderengeneeskunde was hij van 1992 tot 2002 docent bij de stichting Na- en Bijscholing te Amsterdam. Sinds 2003 is hij stagebegeleider (opleider) van huisartsen in opleiding, en van 2006 tot 2014 was hij ook opleider voor specialisten ouderengeneeskunde. Sinds 2011 is hij docent bij Gerion voor de opleiding tot casemanager dementie en (sinds 2014) ook voor de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde. Tevens is hij lid van het NAH-consulententeam Amsterdam (SIGRA).

    Disclosure: 
    Geen belangenconflict gemeld.