Cursusinformatie

Omgaan met antistolling in de apotheek

Informatie: 

Antistollingstherapie past men in het algemeen toe ter behandeling en voorkoming van veneuze en arteriële trombose. Antistolling wordt vaak beschouwd als een moeilijk onderwerp.

Vragen die de apotheker in de praktijk tegenkomt:

  • In welke situaties zijn een of meer antistollingsmiddelen op zijn plaats?
  • Welke middelen hebben de voorkeur en hoe lang moeten deze worden gegeven?
  • Welke combinaties zijn rationeel en welke niet?

In deze cursus komen de belangrijkste onderwerpen aan bod met betrekking tot de toepassing van antistolling in de eerste lijn. Er wordt een overzicht gegeven van de middelen die worden toegepast bij veneuze en arteriële trombose. Hierbij wordt ingegaan op werkingsmechanismen, indicaties, contra-indicaties en interacties.

Vervolgens wordt in deze cursus specifiek aandacht besteed aan indicatiegebieden die veel voorkomen in de eerste lijn: diepe veneuze trombose (DVT), atriumfibrilleren, CVA/TIA en coronair lijden (myocardinfarct met/zonder stentplaatsing).
Tot slot wordt aandacht besteed aan verschillende combinaties van antitrombotica en sluiten we af met praktische aandachtspunten voor apothekers bij medicatiebewaking- en beoordeling.

Deze cursus is specifiek bedoeld om in een relatief korte tijd een helikopterview te schetsen voor de apotheker van de toepassing van antistollingsmiddelen, waarbij de opgedane kennis direct in de praktijk toegepast kan worden.

Een deel van de cursus, namelijk de behandelingen van diepe veneuze trombose (DVT), atriumfibrilleren, CVA/TIA en coronair lijden,  is in de vorm van een weblecture: de auteur presenteert de inhoud aan de hand van een powerpoint-presentatie.

CanMEDS

Farmaceutisch hanelen 60%
Communicatie 20%
Samenwerking 20%

StiPCO-subsidie

Als u deze cursus met goed gevolg afrondt, dan verdient u daarmee 1,5 StiPCO-punt.
Op de site van de KNMP vindt u alle informatie hierover.

Preview video: 

31 juli 2019
Leerdoelen: 

Na het volgen van deze cursus:

  • kent u de wijze waarop veneuze (en arteriële) trombo-embolie ontstaat
  • kent u de farmacologie van antistollingsmiddelen
  • kent u de indicaties voor de toepassing van antitrombotica
  • kent u de zin en onzin van het combineren van antitrombotica
  • kunt u tijdens medicatiereview de rationale van de toegepaste antistolling beoordelen
  • kent u de risico’s van het gebruik van antitrombotica
  • kunt u patiënten goede voorlichting geven over het gebruik van antistollingsmiddelen en kunt u deze kwetsbare groep monitoren
  • kunt u bij deze patiëntengroep effectief samenwerken met andere hupverleners in de eerste lijn
Auteur: 

C.F. Ebbelaar MSc

C.F. (Chiel) Ebbelaar is apotheker en docent aan de Universiteit Utrecht voor de afdeling Farmaco-epidemiologie & Klinische Farmacologie van het departement Farmaceutische Wetenschappen.

Hij houdt zich voornamelijk bezig met onderwijs op gebied van medicatiereview. Daarnaast studeert hij momenteel SUMMA, de verkorte geneeskunde-opleiding in combinatie met klinisch onderzoek. Hij combineert dit met het geven van post-academisch onderwijs, onder andere voor PAO-Farmacie, waar hij program director is van de BIG-6-farmacotherapiecyclus.

Reviewer: 

dr. M. Lafeber MD MSc

Melvin Lafeber is epidemioloog en arts in opleiding tot internist ‘(vasculaire geneeskunde en klinische farmacologie) in het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Hij is in 2013 gepromoveerd op het onderwerp ‘de Polypill in de Preventie van Hart- en Vaatziekten’ aan de Universiteit van Utrecht. Daarnaast is hij parttime werkzaam als programmamanager voor Geïntegreerde Farmaceutische Zorg (GFZ) bij BENU Apotheken Nederland en is hij zeer betrokken bij post-academisch onderwijs voor apothekers bij BENU apotheken en PAO farmacie voor o.a. BIG-6-farmacotherapiecyclus.

Bel onze studieadviseurs
(030) 26 44 100

ma 08:30–17:00
di 08:30–17:00
wo 08:30–17:00
do 08:30–17:00
vr 08:30–17:00