Cursusinformatie

Behandeling en preventie van het herseninfarct

Informatie: 

De medicamenteuze behandeling van het herseninfarct heeft de laatste 30 jaar een belangrijke ontwikkeling doorgemaakt. Vóór die tijd werden acetylsalicylzuur en orale antistolling op geheel empirische gronden voorgeschreven, vooral voor de secundaire preventie.

Dankzij gerandomiseerde en gecontroleerde onderzoeken naar de acute behandeling en de secundaire preventie van het herseninfarct is deze empirische benadering grotendeels vervangen door een met bewijzen onderbouwde behandeling (evidence-based medicine).

Bewijs voor effectiviteit bij een acuut herseninfarct is geleverd voor acetylsalicylzuur en recombinant tissue plasminogen activator (rt-PA). Bewijs voor effectiviteit bij secundaire preventie van het herseninfarct is geleverd voor bloedplaatjesaggregatieremmers, orale antistolling, antihypertensiva en statines.

De sterfte aan de gevolgen van een herseninfarct is sinds 2000 met een kwart afgenomen. Een van de belangrijkste redenen daarvoor is de introductie van stroke units: een gespecialiseerde verpleegafdeling neurologie voor patiënten met een herseninfarct of hersenbloeding. Een stroke service is een regionaal samenwerkingsverband om de zorg te bevorderen in zowel de acute fase als in de revalidatiefase en de chronische fase van een herseninfarct.

De volgende twee richtlijnen beschrijven het beleid bij de ziektebeelden transiënte ischemische aanval (TIA) en herseninfarct, aangepast aan de veranderingen van inzichten van de laatste jaren:

  • de NHG-Standaard Beroerte (actualisering 2018)
  • de richtlijn Herseninfarct en hersenbloeding van de Nederlandse Vereniging voor Neurologie (2017)


Een andere Standaard die aanwijzingen geeft voor preventie van hart- en vaatziekten en dus ook voor het herseninfarct:

  • de herziening van de NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement (juni 2019)


Deze cursus gaat dieper in op de preventie- en behandelmogelijkheden van het herseninfarct. Eerst maakt u kennis met de begrippen beroerte, TIA en herseninfarct, de epidemiologie, het stellen van de diagnose en de prognose.

De cursus is aangepast voor de farmaceutisch consulent door C. Seeling, farmaceutisch consulent.

30 november 2020
Leerdoelen: 

Na afloop van deze cursus:

  • kent u de verschillen tussen een beroerte, TIA en een herseninfarct
  • kunt u de pathogenese van een herseninfarct beschrijven
  • heeft u basiskennis van de epidemiologie, de symptomatologie en de diagnostiek van het herseninfarct
  • kunt u de FAST-test afnemen bij een patiënt met acute verschijnselen van een herseninfarct en weet u waarom deze test belangrijk is
  • kent u de indicaties en contra-indicaties voor trombolyse
  • kunt u voorschrijvers adviseren over hun voorschrijfbeleid in de verschillende fases van een beroerte en kent u globaal de prognose en de preventie- en behandelmogelijkheden van een herseninfarct
Auteur: 

drs. L. de Graaf

Linda de Graaf is in 1999 afgestudeerd aan de faculteit Farmacie in Utrecht. Haar eerste baan was bij het Bijwerkingencentrum Lareb. Na vijf jaar werd zij vakredacteur bij het Pharmaceutisch Weekblad. In 2008 maakte zij de overstap naar de openbare farmacie. Sindsdien combineert zij het werken in de openbare apotheek met het schrijven van vakinhoudelijke artikelen en nascholingen.

Reviewer: 

Janssen
Drs P.M. (Paula) Janssen is neuroloog in het Erasmus MC Rotterdam. Haar aandachtsgebied is neurovasculaire aandoeningen.

Bel onze studieadviseurs
(030) 26 44 100

maandag 08:30–17:00
dinsdag 08:30–17:00
woensdag 08:30–17:00
donderdag 08:30–17:00
vrijdag 08:30–17:00